De populierenrel, of waarom de staatshervorming een economische noodzaak is voor Vlaanderen. 


Het  Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) gaat naar de Raad van State om het verzet van de federale overheid te breken tegen een veldproef met genetisch gewijzigde populieren. Bedoeling van de veldproef is om de echte buitenomstandigheden na te bootsen waarin deze populieren zich ontwikkelen. Dit is de noodzakelijke volgende stap in het onderzoek en de ontwikkeling van nieuwe biobrandstoffen van de tweede generatie.


De federale ministers Magnette en Onkelinx, beide van PS-signatuur willen geen toestemming geven voor deze noodzakelijke veldproeven. Dit is een zware klap voor het wetenschappelijk onderzoek in het algemeen en de ontwikkeling van de Vlaamse biotechnologie in het bijzonder.  De argumenten van minister Magnette snijden bovendien geen hout, ook geen populierhout. Zo verwijst hij naar het ontbreken in de aanvraag van het VIB van een ‘onderzoeksprotocol voor onderzoek naar de milieurisico’s van bomen’. 


Maar het gaat hier niet om de eerste veldproef met genetisch gewijzigde populieren in ons land. Eerder voerde Plant Genetic Systems (PGS) probleemloos gelijkaardige proeven uit. Ook in Frankrijk werd recent een gelijkaardig experiment opgezet. Waarom neemt federaal België dan nu een andere houding aan? Hebben ministers Magnette en Onkelinx een verborgen agenda? Zouden zij Vlaamse bedrijven die aan de top van het wetenschappelijk onderzoek staan gewoon willen  boycotten ?


Het is duidelijk dat in dit dossier niet-wetenschappelijke argumenten meespelen, die in zo’n belangrijk dossier misplaatst zijn. Op mijn mondelinge vraag in de Senaat verklaarde minister Magnette dat hij ‘gewonnen is voor de ontwikkeling van biobrandstoffen van de tweede generatie en voor onderzoek daarnaar’. Maar is hij dat ook als dat onderzoek in Vlaanderen gebeurt? 


Dat de populieren een bedreiging zouden vormen voor mensen en milieu is onzin. De populieren bloeien immers niet en kunnen evenmin zaad verspreiden. Een afgevallen tak kan evenmin kwaad berokkenen. Populieren zijn als biobrandstof ook geen bedreiging voor de voedselindustrie, want vooralsnog peuzelen we die bomen niet op. Integendeel, door de genetische manipulatie bevatten de bomen minder lijm (lignine) en meer cellulose, wat voor de papierindustrie ecologisch een zegen is. Alle ‘argumenten’ van de minister, als we in deze context nog van argumenten durven spreken, hebben dus geen wetenschappelijk grondslag. De weigering om een veldproef te laten uitvoeren komt er eigenlijk op neer dat men een veelbelovend nieuw medicijn, bijvoorbeeld tegen AIDS, dat alle experimentele stadia succesvol heeft doorlopen, in de eindfase tegenhoudt. Dan staat de wetenschap gewoon stil!

Voor Vlaanderen is de kenniseconomie een van de belangrijkste troeven voor de toekomst, maar als er alleen lippendienst wordt aan bewezen dreigt heel de innovatieve industrie te delokaliseren. Moet in analogie met de chemische industrie, die zoals Solvay naar Brazilië verhuist, onze biotechnologie ook naar een ander continent? China staat op het punt om miljoenen populieren te kopen. Het project overschrijdt dus niet alleen de Belgische, maar zelfs de Europese grenzen. 


Bovendien speelt ook de factor van het risicokapitaal. Als de Belgische overheid moeilijk gaat doen, rijst de vraag wie  nog bereid zal zijn te investeren in Vlaamse spitstechnologische ondernemingen die innovatieve projecten lanceren? Vlaanderen stevent dan af op een regelrechte financieel-economische ramp, dank zij België.


Als wetenschapper kan je alleen maar woedend worden bij zo’n tegenstrijdig optreden van de overheid. Want niet alleen heeft het Vlaams Instituut voor Biotechnologie beroep aangetekend tegen het njet van de PS-ministers, het wordt in die eis bij de Raad van State gesteund door de Vlaamse regering. Logisch als je weet dat het project een positief advies heeft  gekregen van de Belgische, dus federale  Bioveiligheidsraad. Met zo’n dwaze ‘Belgische overheid’ zullen nuchtere  wetenschappers in de toekomst hun proeven elders uitvoeren. In Frankrijk of in de Verenigde Staten, wat maakt het hen uit?


Absurdistan? Eens te meer. Een boom planten is federale materie maar diezelfde boom genetisch manipuleren behoort toe aan Vlaams genie zoals dat van de VIB. Die wetenschap ondergraven is dan weer federaal. Begrijpe wie kan. Minister Magnette hanteert daarbij een absurde logica: want wie kan het bewijs leveren dat iets niet gevaarlijk is ? Wie kan ooit bewijzen dat het monster van Loch Ness niet bestaat? De ministers Magnette en Onkelinx kunnen dat wellicht wel? 


En dan rest er nog de verplichte ‘consultatie van de bevolking’, waar de meeste reacties (en bezwaren) uit Wallonië kwamen. Bij die bevraging ging het vaak over wijziging van grondfauna  en -flora. Een element dat helemaal geen rol speelt in het experiment, want er is geen enkele reden dat die gewijzigd wordt. Ook die ‘argumenten’ zijn dus helemaal niet wetenschappelijk !


De beslissing van de ministers Magnette (PS)  en Onkelinx (PS) heeft daarom meer weg van een ‘godsdienstoorlogen-logica’ dan van een beredeneerde beslissing. Maar door hun communautaire spelletjes dreigen de Waalse ‘eminenties’ het werk van echt eminente wetenschappers, zoals de professoren Van Montagu en Schell die erkende pioniers zijn van wereldformaat, te ondergraven. 


Dit verfoeilijke optreden van de federale overheid heeft maar één positieve kant, en dat is dat het een perfecte illustratie van de onzinnige staatsstructuur in dit land. Bevoegdheden zijn op een amateuristische manier verdeeld tussen gewesten, gemeenschappen, en de federale staat. Daarom dringt de uitvoering van artikel 35 van de grondwet zich zo nodig op. Dat de autonome deelstaten beslissen welke bevoegdheden er federaal kunnen blijven. Of moeten onze politici nog enkele generaties genetisch worden gemanipuleerd, voor hun gezond verstand naar boven komt? Laten we beginnen met de populieren.

   

Lieve Van Ermen, cardiologe, senator LDD